Deze post is eerder verschenen als column op Sevendays.nl
Tv-kijkers overwogen met brandende fakkels naar de NOS gaan, spelers maken zich zorgen over hun gehoor en trainers hebben zich na één wedstrijd al schor geschreeuwd. Tevergeefs, want de verzengende toon van de vuvuzela maakt het horen van iets anders onmogelijk. Het is echter in deze tijd van vuvuzelaterreur ook nodig om eens verder te gaan dan het zeuren over de vuvuzela, want dan kom je net als ik het ronduit geweldige verhaal van Neil van Schalwyk tegen.
In de jaren negentig was het toeteren op vuvuzela’s nog exclusief. De toeters waren meestal van metaal en klonken nog lang niet zo hard als tegenwoordig. Het was de tijd waarin vuvuzela’s nog net zo leuk waren als pletterpetten en dutchdresses wanneer je die voor het eerst ziet.
De ellende van vandaag begon toen de plasticfabrikant Neil van Schalwyk op het idee kwam een goedkope plastic versie te maken van de vuvuzela. Na honderen vuvuzela’s te hebben uitgedeeld aan ministers en leden van het FIFA-bestuur bij de kandidaatstelling van Zuid-Afrika om het WK te organiseren, schoten de verkopen omhoog. De rest is geschiedenis.
Ondanks de zoemtoon, die ik zelfs in mijn slaap nog hoor en de rondvliegende griepvirussen die uit die miljoenen vuvuzela’s komen, blijf ik een diepe bewondering houden voor deze uitvinding en het fantastische verhaal dat erachter zit. Natuurlijk, iedereen kan zo’n toeter bedenken. Maar je bent wat mij betreft geniaal als je met die toeters ook nog eens miljoenen verdient en iedereen laat denken dat het een eeuwenoude traditie is. Ben je echter nog niet helemaal overtuigd van Van Schalwyks zakelijk inzicht? Het verhaal gaat verder.
Nu deze man heel de wereld aan een gehoorbeschadiging helpt, verkoopt hij toevallig een nieuw product wat hem zo mogelijk nog meer geld gaat opleveren: oordopjes. Geniaal of niet?
CCfoto by coda

